Diederik heeft knikkers in zijn neus

Diederik en Maartje zijn aan het knikkeren.
Ze hebben hele mooie knikkers. Rode en blauwe en groene.
Ze proberen de knikkers in het potje te rollen.
Dat is heel moeilijk, maar soms lukt het.
Maartje is heel goed in knikkeren. Ze wint steeds.
Dat vindt Diederik niet leuk. Diederik verveelt zich.

Dan verstopt Diederik zich achter een boom.
Uit zijn zak haalt hij twee blauwe knikkers.
Hij stopt ze in zijn neus. De knikkers passen … Lees verder

Rode Appels

Zie de rode appels hangen,
aan een boompje tussen het groen.
Mocht ik er maar eentje vangen,
of een enkel wensje doen.

Maar de appels bleven hangen,
naar beneden kwam geen één.
Ze lachten met hun rode wangen,
door de groene bladeren heen.

Toen is Jan de Wind gekomen,
heeft gewaaid voor het lieve kind.
Schudde de appels van de bomen,
dank u wel Meneer de Wind.

(2)… Lees verder

Liesje

Liesje ik zal je sleeën gaan,
langs het witte paadje.
Met je warme wandjes aan,
en de muts van ma-tje.

Ikke zal jouw paardje zijn,
en zal heel hard lopen.
En dan gaan wij strakjes fijn,
lekkere koekjes kopen.

(1)… Lees verder