Verhaaltjes voorlezen

De leukste voorleesverhaaltjes voor het slapen gaan

Janus is boos. Heel boos. Zijn mondhoeken wijzen naar beneden. Hij heeft een rode kleur op zijn wangen. En er staat een vrolijke, rode muts op zijn hoofd. Een kaboutermuts. Daar is hij nu zo boos over. Dit wil hij helemaal niet. Hij is geen kabouter. Hij wil als piraat naar school. Net als zijn broer Remco. Maar die zit in een hoger klas. Kabouters zijn voor kleine kinderen. Hij is niet klein. Hij zit ook al op school!

Iedereen moet vandaag verkleed naar school. De koningin is jarig. Janus wil niet naar school. Zijn moeder trekt hem een kabouterjasje aan.’Kijk eens wat vrolijker,’ zegt ze. Janus wil helemaal niet vrolijk kijken. Hij is boos. Dat mag iedereen weten. ‘Volgend jaar mag je ook als piraat,’ zegt moeder. ‘Nu zie je er als kabouter heel lief uit.’ Janus wil niet lief zijn. Op school kijkt hij ook heel erg boos. Als niemand kijkt, kruipt hij onder de tafel. Nu kan niemand meer zien dat hij een kaboutermuts op heeft. En een kabouterjasje en een kabouterbroek. Het is best grappig onder tafel. Hij ziet alleen de benen en schoenen van de anderen. Niemand mist hem. De kinderen en de juffrouw hebben alleen erg in de verkleedpartij.

‘Marloes, je lijkt net een echte fee,’ hoort Janus de juffrouw zeggen. Iedereen gaat naar buiten. Daar is het feest. Het is mooi weer. Er hangen vlaggetjes. Er staat limonade klaar voor de kinderen, met koek. Janus wil dat allemaal niet. Een tijdje later hoort hij mensen roepen. Zijn naam wordt geroepen. Door veel mensen. Janus wordt nieuwsgierig. Hij kruipt onder de tafel vandaan. Hij kijkt naar buiten. Ze zijn hem aan het zoeken! Iedereen zoekt mee. Maar Janus laat zich niet kennen. Hij is nog steeds boos.

Marloes kijkt toevallig naar het raam. Ze heeft een lolly in haar mond. Janus bukt. Hij wil niet dat zij hem ziet. Te laat! ‘Jbleu,’ hoort hij haar roepen. Met volle mond iemand roepen gaat natuurlijk niet. Ze is bijna niet te horen. Maar Janus heeft goeie oren. Hij hoort haar wel. Janus krijgt toch wel een beetje medelijden met iedereen. Ze missen hem wel. Dat is toch ook wel fijn. Ze vinden hem belangrijk. Ook al is hij als kabouter verkleed.

Janus komt tevoorschijn. Zijn muts is over één oor gezakt. Marloes haalt de lolly uit haar mond. ‘Hallo Janus Eénoor,’ zegt ze. ‘Kom je naar buiten?’ Janus knikt. ‘Ik ben Janus Eénoor,’ zegt hij trots. ‘Dan ben ik een hele bijzondere kabouter.’ Janus wil zijn muts nooit meer af zetten. Zelfs niet als hij naar bed gaat, of in bad. Hij is Janus Eénoor. Dat zal iedereen weten ook.

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 6.9/10 (17 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: -2 (from 8 votes)

Katinka en Boris worden heel vroeg wakker. Ze gaan snel naar beneden. Hun schoenen staan er nog. Maar de wortel is weg. En hun tekeningen ook. En het schaaltje water is leeg. Sinterklaas is geweest! Er liggen cadeautjes. Boris heeft een autootje gekregen. En Katinka een puzzel. En allebei hebben ze een netje met gouden munten. Gelukkig zijn ze niet echt, maar van chocolade. Boris en Katinka eten al hun muntjes op

‘We zijn wel verwend,’ zegt Katinka. ‘Ja,’ zegt mama. ‘Jullie zijn heel erg verwend.’ ‘Vanavond ga ik weer mijn schoen zetten,’ zegt Katinka. ‘Dan krijg ik nog meer!’ ‘Dat kan niet,’ zegt mama. ‘Vanavond gaat zwarte piet naar andere kinderen. Hij komt niet iedere avond.’
‘Dan ga ik zelf zwarte piet spelen,’ zegt Katinka. Ze pakt papier, lijm en viltstiften. Ze maakt een mooi cadeautje. ‘Wat zit erin?’ vraagt mama nieuwsgierig. ‘Dat zeg ik niet!’ Katinka pakt haar schoen. Ze zet haar zwartepietenmuts op en stopt het pakje in haar schoen. En ze doet de muts weer af. ‘Kijk eens, mama!’ roept Katinka. ‘Ik heb wat in mijn schoen gekregen! Een cadeautje!’

‘Wat zit erin?’ vraagt mama weer. Katinka maakt het cadeautje open. Er zitten walnoten en mandarijntjes in. ‘Heb jij die uit de fruitschaal gepakt?’ vraagt mama. ‘Zwarte piet heeft ze gepakt,’ zegt Katinka. ‘Leg ze dan maar terug,’ zegt mama. ‘Dat mag helemaal niet!’ ‘Maar ik heb ze in mijn schoen gekregen!’ roept Katinka. ‘Goed dan,’ zegt mama. Ze kraakt de noten en pelt de mandarijntjes. Katinka en Boris krijgen ieder de helft. Wat een lekkere cadeautjes.

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 6.7/10 (7 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: +1 (from 3 votes)

‘Hebben jullie al een verlanglijstje gemaakt?’ vraagt mama. ‘Wat is dat?’ vraagt Katinka. ‘Dan moet je opschrijven wat je graag wilt hebben van Sinterklaas.’ ‘Maar ik kan toch helemaal niet schrijven!’ roept Katinka. ‘Je kan toch wel iets tekenen?’ Dat is een goed idee!

Katinka gaat meteen aan het werk. Boris is nog te klein om een verlanglijstje te tekenen. Hij mag het mama vertellen. Dan schrijft mama het op een briefje voor sinterklaas. ‘Wat wil Boris?’ vraagt mama. ‘Een pakje,’ zegt Boris. ‘Maar wat moet er in het pakje zitten?’ vraagt mama. ‘Wat wil je hebben van Sinterklaas?’ ‘Sinterklaas!’ zegt Boris. ‘Sinterklaas kan toch niet zelf in een pakje gaan zitten!’ lacht mama. ‘Wil je een auto? Of een trein?’ Boris denkt na. ‘Snoep!’ Boris wil snoep! ‘Maar waar wil je graag mee spelen?’ vraagt mama. ‘Katinka,’ zegt Boris. ‘Die heb je al,’ zegt mama.

Katinka laat haar verlanglijstje zien. Ze heeft een mooie regenboog getekend. ‘Wil je een regenboog? Dat kan niet! Die is van niemand.’ ‘Ik heb ook wolken getekend,’ zegt Katinka. Mama ziet het. ‘En wat is dat rondje? Een voetbal?’ ‘Nee, dat is een zon!’ zegt Katinka. ‘Maar die kon ik niet zo goed kleuren, want de viltstiften zijn op!’ Mama heeft een plan. Ze zullen aan Sinterklaas nieuwe viltstiften vragen.

‘Zullen we een spelletje doen?’ vraagt Katinka. ‘Weet je wat,’ zegt mama. ‘We vragen Sinterklaas of hij een keer een spelletje met ons wil doen. Dat is een leuk cadeau!’ ‘Ja!’ roept Katinka. ‘Dat is leuk!’ ‘En dan hoeven jullie verder geen cadeautjes?’ vraagt mama. ‘Snoep!’ zegt Boris. Ja, wel snoep!

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 6.5/10 (8 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: +2 (from 2 votes)

Hier het laatste nieuwe over Marco. Weet je wel, dat bange zwarte Pietje die de daken niet meer op durfde!

Een week geleden was het eindelijk zover. De boot van Sinterklaas kwam in Nederland aan. Wat was het een feest. Alle kinderen stonden te zingen en te juichen voor Sinterklaas en de Pieten. En weet je wie er ook tussen liep? Inderdaad: Marco. Hij was dus wel mee gegaan en had nog steeds niets gezegd. Marco zwaaide ook naar al die kinderen. En wat vond hij het leuk.

De Strooi Pieten hadden allemaal een grote zak met allemaal pepernoten en schuimpjes erin. ‘Marco,’ zei Sinterklaas opeens. ‘Ga jij de kinderen aan de kant ook maar gauw wat pepernoten geven.’ Dat wilde Marco wel, want dan hoefde hij in ieder geval niet de daken op. Het was een hele leuke dag, want wat was het een feest!

De volgende dagen ging Marco met Sinterklaas mee om pepernoten te strooien. Tijdens het uitdelen deed Marco allerlei kunstjes. Ook gingen ze naar allerlei scholen om even met de kinderen te praten. Lang duurden de bezoekjes niet, want andere kinderen wilden ook wel even met Sinterklaas en de Pieten praten. Dan moesten ze dus weer weg.

Elke avond liep Marco een rondje door een dorp in Nederland. Hij ging dan kijken naar de Bezorg Pieten, hoe zij de daken opklommen. Wat sprongen zij makkelijk van het ene dak naar de andere. Marco vond het erg leuk om hier naar te kijken, maar zelf durfde hij nog steeds niet de daken op.

De Bezorg Pieten lieten allerlei snoepjes achter voor de kinderen, die wat lekkers voor het paard van Sinterklaas hadden klaargelegd. Of voor de mooie tekeningen, of omdat ze zo mooi hadden gezongen voor Sinterklaas. Zij moesten hiervoor natuurlijk wel wat terug krijgen. Marco bleef nog altijd veilig op de grond staan, want hij was echt bang. Hij bleef daarom gewoon snoepgoed strooien en kunstjes doen.

Het ziet er dus niet naar uit, dat Marco de daken nog op gaat.

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 5.8/10 (6 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 0 (from 2 votes)

Het is slecht weer. De regen valt met bakken uit de hemel en het waait erg hard. Maar daar hoog in de bergen, staat een mooi kasteel waar het heel fijn en warm is. Overal branden kaarsjes en lampen, en in verschillende kamers brand een lekker warm vuur in de openhaard. Het is het huis van Sinterklaas. Hij woont hier met al zijn Pieten en natuurlijk met zijn trouwe schimmel.

Sinterklaas en de Pieten hebben het allemaal erg druk. Het duurt nu niet lang meer, totdat ze weer naar Nederland mogen. Daar wachten al die lieve kinderen, die erg zoet zijn geweest dit jaar. De Pepernoot Pieten zijn begonnen met het bakken van strooigoed. De Inpak Pieten pakken de cadeautjes mooi voor jullie in. En de Wegwijs Pieten zoeken de route uit, waarlangs ze moeten varen. Enz. enz. Iedereen heeft zo zijn eigen taak.

Ook in de gymzaal is het erg druk. De Acrobaat Pieten zijn druk aan het oefenen met koprollen en bokje springen. Normaal gesproken zijn hier ook de Pieten druk aan het trainen, die misschien de cadeautjes mogen rondbrengen. Maar nu even niet! Al deze Pieten zitten in een grote kring om Sinterklaas heen. Ze zijn allemaal erg zenuwachtig, want Sinterklaas gaat zometeen vertellen wie ermee mogen naar Nederland, om pakjes te gaan bezorgen. Alle Pieten willen dat wel, want wat is nou leuker dan cadeautjes te brengen bij al die kinderen?

Sinterklaas zit op zijn grote stoel. Hij haalt de lijst te voorschijn met de namen van Pieten die mee mogen naar Nederland. ‘Mooi,’ zegt Sinterklaas. ‘Als jullie er allemaal zijn, dan kan ik beginnen met het opnoemen van de namen.’ De spanning stijgt in de zaal. En daar komen de namen van de Pieten die mee mogen. Wat willen ze allemaal graag mee. Behalve de kleine Marco! Hij hoopt dat zijn naam niet wordt genoemd. Hij is nog maar net van de Pietenschool en kan dit jaar voor eerst mee naar Nederland. Maar hij wil eigenlijk helemaal niet! Een tijdje geleden was Marco nog druk aan het oefenen. Hij was altijd erg fanatiek, want hij wou ook wel cadeautjes bezorgen. Totdat Marco van een oefendak viel. Dat deed behoorlijk pijn en Marco moest er zelfs een beetje van huilen. Geen wonder, want Marco had zijn been gebroken!

Toen zijn been eenmaal weer beter was, wou Marco het dak niet meer op. Hij was bang! Marco durfde dit niet tegen de Meester Piet te zeggen. Hij zei daarom maar, dat zijn been altijd nog een beetje pijn deed. Marco ging toen maar kunstjes oefenen en snoepgoed leren strooien. Dit vond hij ook erg leuk. Toch dachten Sinterklaas en Meester Piet, dat Marco wel weer het dak op wou! ‘Marco.’ Marco schrikt op. ‘Oh nee, nu moet ik mee naar Nederland om cadeautjes rond te brengen,’ denkt Marco. ‘Als ik nu vertel, dat ik niet het dak op durf, dan lacht iedereen mij uit.’ Hij moest nu echt kiezen: of Sinterklaas vertellen dat hij de daken niet meer op durft, of meegaan en maar hopen dat hij het dak niet op hoeft en mag strooien. Marco koos voor de tweede optie. Marco besluit dus om niets te zeggen en mee te gaan naar Nederland.

Of Marco ook echt naar Nederland gaat en bij jou cadeautjes komt langsbrengen is dus nog de vraag. We wachten af en we houden jullie op de hoogte!

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 7.5/10 (11 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 0 (from 4 votes)

Piet Peternoot heet niet voor niets zo. Hij heet zo omdat hij de baas over de pepernoten is en dat is niet niks! Wanneer Sinterklaas met al zijn pieten per stoomboot naar Nederland vertrekt moet Piet Pepernoot zorgen dat hij genoeg pepernoten meeneemt. Genoeg voor alle kindertjes in Nederland.

Dit jaar heeft Piet Pepernoot extra veel pepernoten meegenomen, wel vierduizend zakken. Veel hè? Hij stopt ze in het ruim van de stoomboot. In speciale pepernotenkisten. Die kisten doet hij op slot want je weet het maar nooit… Zodra Piet Pepernoot de kisten op slot heeft gedaan gaat hij op het dek van de stoomboot zitten om een lekker dutje te doen. Hij is namelijk heel erg druk geweest met de voorbereiding en kan wel wat slaap gebruiken. Hij trekt zijn Pietenmuts over zijn ogen en valt in slaap.

Ondertussen is er voor de andere Pieten veel werk te doen. Ze moeten alle namen van de kindertjes nakijken en bekijken wie er lief of stout is geweest. Daarna moeten ze alle pakjes inpakken. Dat is een hele klus. De Namen Pieten lezen de namen, de Pakjes Pieten zorgen voor de pakjes en de Kook Piet kookt een lekkere maaltijd voor Sinterklaas en alle Pieten op de stoomboot. Ondertussen zorgt de Schoonmaak Piet dat de stoomboot netjes blijft.

Nu moet je weten dat de Schoonmaak Piet heel ijverig is. Hij poetst en veegt, stoft en dweilt. Hij houdt maar niet op. Iedere Piet die in de weg zit, duwt hij met de bezem aan de kant. Zo komt de Schoonmaak Piet ook in het ruim van de stoomboot, waar ook de pepernotenkisten staan… Bah, denkt de Schoonmaak Piet. Wat een rare kisten. En achter die kisten is het helemaal vies. Laat ik maar snel gaan schoonmaken. Hij tilt de kisten een voor een op en zet ze in een ander ruim, bij de pakjes. Daar horen ze natuurlijk niet te staan, maar daar houdt de Schoonmaak Piet geen rekening mee. Als alles maar schoon is.

Tegen het einde van de dag is Piet Pepernoot klaar met zijn dutje en besluit voor de zekerheid een kijkje te gaan nemen bij de pepernotenkisten. Hij loop de trap af naar het ruim van de stoomboot en doet de deur open……. Hij schrikt zich een pepernoot…. Het ruim glimt en blinkt, maar van de pepernotenkisten is geen spoor meer te bekennen…Piet Pepernoot wordt helemaal bleek om zijn neus. Wat verschrikkelijk. Hij rent naar boven naar de andere Pieten; ‘Jullie moeten me helpen. Alle pepernoten zijn weg. Ze zijn gestolen, ik weet het zeker!’ Alle Pieten schrikken. Geen pepernoten meer? Maar dat is vreselijk! Snel gaan ze met z’n allen zoeken. Ze kijken op het dek. In alle slaapkamertjes, in de keuken, zelfs in de slaapkamer van Sinterklaas. Maar nee hoor, geen pepernoot te vinden. Uiteindelijk kijken ze ook nog in het pakjesruim, je weet maar nooit, maar ook daar is niet te zien. Alleen maar pakjes en nog eens pakjes…

Sinterklaas heeft gemerkt dat de hele stoomboot in rep en roer is. ‘Wat is er aan de hand pieten?’ vraagt hij bezorgt. Piet Pepernoot loopt voorzichtig naar voren en stamelt ‘Sinterklaas, het is heel erg, maar de pepernoten zijn weg. We hebben overal gezocht. Ik had ze netjes in het ruim opgeborgen maar daar staan ze niet meer’. Sinterklaas kijkt een beetje boos. Hij snapt er niets van. ‘Laat alle Pieten onmiddellijk bij komen, dit moeten we uitzoeken en wel heel vlug!’ Een voor een komen de Pieten bij Sinterklaas, maar geen Piet die iets gezien heeft. Zelfs de Snoep Piet niet, terwijl die altijd precies weet waar al het lekkers bewaard wordt.

‘Pas, op. Aan de kant. Ik moet hier schoonmaken, jullie staan in de weg,’ daar zal je de Schoonmaak Piet hebben. Iedereen is druk bezig met het zoeken naar de pepernoten behalve de Schoonmaak Piet. Die is alleen maar weer druk met poetsen. ‘Zeg Schoonmaak Piet, heb jij toevallig de pepernotenkisten gezien?’ vraagt Sinterklaas. ‘O ja hoor,’ zegt de Schoonmaak Piet, terwijl hij ondertussen een aantal Pieten met zijn bezem aan de kant veegt. ‘Die staan bij de pakjes, ik moest het ruim schoonmaken dus heb ik ze verschoven.’ Alle Pieten kijken verbaasd naar de Schoonmaak Piet. Wel heb je ooit…..Iedereen heeft zich een pepernoot gezocht. Voor niets! O o, die domme Schoonmaak Piet ook. Alleen maar druk met poetsen.

Voor straf moet de Schoonmaak Piet de pepernotenkisten weer op de juiste plaats terugzetten en vroeg naar bed. Piet Pepernoot is blij dat de pepernoten weer terecht zijn. Stel je toch eens voor; in Nederland aankomen zonder pepernoten, dat kan toch niet!

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 7.7/10 (6 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: +4 (from 4 votes)

Vlindertje Eigenwijs
ging vandaag heel ver op reis
en ze nam geen koffertje mee
Dat was niet erg verstandig, o nee

Ze dacht dat ze niets nodig had
geen schone spullen voor in het bad
geen bloesjes of schone rokjes
geen haarstrik of schone sokjes

Vrolijk buitelde ze door de lucht
en lachte met een diepe zucht ze
maakte zich helemaal geen zorgen
en zeker niet voor de dag van morgen

Maar toen kwam ze een knorrige bromvlieg tegen
en daar schrok ze toch wel even
“mama” riep ze toen heel hard
ze was opeens heel erg verward

Ze dacht: er zijn alleen maar vlindertjes
en hele lieve kindertjes
en dacht aan de woorden van haar mammie
en van haar oudere zusje Amelie:

“Eigenwijs, blijf dicht bij huis
want het is zo veilig thuis
Hier ben je helemaal niet alleen
want wij zijn allemaal om je heen.”

Vlindertje Eigenwijs
stopte meteen maar met haar reis
de grote wereld is niet helemaal pluis
Kom, ik ga maar snel naar huis

Ze vloog o zo vlug
naar haar veilige huis terug
Mammie had het wel gedacht
en voor de deur op haar gewacht.

Mammie omhelsde en ze zoende
terwijl ze Eigenwijs lieveling noemde
en Eigenwijs ging nooit meer weg
Wat vind je daarvan zeg?

Geschreven door Ans van Grinsven

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 6.3/10 (7 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: +3 (from 3 votes)

Ollie kan niet wachten De moeder van Olliver heeft voor hem een mooie knikkerzak gemaakt. Al zijn knikkers passen er in en bovendien kan de zak goed dicht, zodat de knikkers er niet uit rollen.

Ollie wil ook zo’n knikkerzak. ‘Mam, toe maak je voor mij ook zo’n knikkerzak,’ zeurt Ollie ongeduldig. ‘Ja,’ zegt mamma, ‘Eerst nog even oma bellen, dan maak ik voor jou een knikkerzak.’ Maar Ollie is heel ongeduldig en wil niet wachten. Dan bedenk ik zelf wel wat, denkt Ollie. Ze pakt een papieren zak uit de keukenla en stopt al haar knikkers in de zak. Maar de zak scheurt en alle knikkers rollen op de grond. Dat wil dus niet.

‘Weet je wat,’ zegt Olliver, ‘Pak een washandje, dat is wat steviger.’ Dat lijkt Ollie een goed plan. Ze loopt naar de badkamer en pakt een vies washandje. De knikkers passen er precies in. ‘Zullen we nu gaan knikkeren?’ vraagt Olliver. En dat doen ze. Het is een spannend potje want Olliver en Ollie zijn allebei heel goed in knikkeren. Er blijven steeds meer kinderen staan om te kijken naar de spannende wedstrijd.

Opeens roept een van de kinderen ‘Getverderrie, een vies washandje. Nu zijn je knikkers zeker ook vies!’ Ollie is beledigd en graait snel al haar knikkers bij elkaar. Boos rent ze naar mamma toe. Maar mamma moet lachen. ‘Gekkie, je pakt toch ook geen vies washandje. Pak dan in ieder geval nog een schone. Nu niet meer zo ongeduldig. Wacht maar rustig af, dan maak ik een hele mooie knikkerzak voor je.’ En dat doet Ollie. Ze gaat rustig op de bank zitten en wacht net zo lang tot mamma klaar is. Het vieze washandje gooit ze in de wasmand want die heeft ze toch niet meer nodig.

Als mamma klaar is gaat Ollie snel weer naar buiten. Trots laat ze haar nieuwe knikkerzak zien. Het is de mooiste van de buurt.

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 4.2/10 (5 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 0 (from 0 votes)

Pardoes wil ook op logeren Poes Pardoes is een lieve poes. Ze is de poes van Charlot. Poes Pardoes heeft een dikke buik en witte sokjes. Nou, ze heeft niet echt sokjes aan hoor, maar het lijkt wel zo, omdat ze witte pootjes heeft.

Charlot is op haar kamer. Ze pakt haar koffertje in omdat ze gaat logeren bij opa en oma. In haar koffertje stopt ze haar pyjama, haar tandenborstel en een voorleesboek. Charlot heeft een mooie tekening gemaakt voor opa en oma. Die stopt ze ook in haar koffertje. Dan roept mamma Charlot om een boterham te komen eten en als ze die op heeft, dan gaan ze weg. Charlot kan haast niet wachten want ze vindt het altijd heel leuk bij opa en oma. Vooral omdat ze altijd heel veel lekkers krijgt van opa en oma.

Snel rent Charlot naar beneden en gaat aan tafel zitten om haar boterham op te eten. Nou ja eten. Je kan het bijna geen eten meer noemen want ze weet niet hoe snel ze de boterham naar binnen moet proppen.

Ondertussen heeft Poes Pardoes het koffertje van Charlot zien staan. Voorzichtig snuffelt ze eraan. Het koffertje staat nog open en Poes Pardoes kijkt heel voorzichtig wat er allemaal in het koffertje zit. Een tekening, een tandenborstel en …. een heerlijke zachte pyjama. Dat lijkt Poes Pardoes wel wat. Voorzichtig zet ze een pootje in het koffertje. En nog een pootje….ze kruipt langzaam in het koffertje en gaat boven op de zachte pyjama van Charlot liggen. Dat is nog eens een mooi mandje voor Poes Pardoes, denkt ze. Al spinnend valt ze in slaap.

Zodra Charlot haar boterham op heeft rent ze naar boven om haar koffertje te pakken. Maar o o, het koffertje wil niet meer dicht. Hoe kan dat nou? Dan pas ziet Charlot dat Poes Pardoes in het koffertje is gekropen en heerlijk ligt te slapen. Charlot vindt het prima, dan laat ze het koffertje toch gewoon open! Voorzichtig tilt ze het koffertje op. Met Poes Pardoes er in. Die merkt niets en slaapt rustig door. Langzaam loopt ze de trap af naar mama. Maar mama heeft het direct in de gaten. Ze maakt Poes Pardoes wakker. Poes Pardoes mag dus niet mee logeren bij opa en oma.

Charlot vertelt Poes Pardoes dat ze maar een paar daagjes weg is en geeft Poes Pardoes een dikke knuffel. Poes Pardoes loopt weg en gaat in haar eigen mandje liggen. Ze is helemaal niet boos. Dan maar in mijn eigen koffertje slapen, denkt ze. Das ook goed.

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 8.2/10 (9 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: +5 (from 7 votes)

Plommetje was een echt verwend kabouterjongetje. Hoewel zijn vader helemaal niet rijk was, wist hij toch steeds met zijn gezeur het mooiste en duurste speelgoed te krijgen, waarvoor vader en moeder het geld eigenlijk niet konden missen.

Op een middag kwam Plommetje huilend uit school thuis. ‘Wat is er met jou aan de hand?’ vroeg zijn moeder ‘Waarom ben je zo van streek? Hebben de jongens je geplaagd of heeft Joep, het boskonijn, je soms weer achterna gezeten?’ ‘Nee, nee,’ snikte Plom, ‘alle jongens hebben een vlieger, alleen ik…ikke niet.’ ‘O, is het dat,’ zegt moeder gerustgesteld, ‘Daarom hoef je toch niet zo verdrietig te zijn? Je krijgt ook een vlieger. Kom maar mee naar de speelgoedwinkel van baas Timperol. Daar zijn vliegers genoeg te koop.’ Plommetjes tranen waren nu gauw verdwenen en blij liep hij met moeder mee.

In de winkel van baas Timperol waren, zoals moeder al gezegd had, allerlei vliegers te koop: gele, rode, blauwe, maar geen enkele was naar Plommetjes zin. ‘Ik wil een hele grote hebben,’ zeurde hij. ‘Deze is de grootste die ik heb, het is een prachtige vlieger,’ zei baas Timperol en hij kwam met een reusachtige vuurrode vlieger aandragen. ‘Hij is nog te klein,’ jammerde Plom. Toen werd moeder boos en zei ‘Als je niet heel gauw een vlieger uitkiest, krijg je er geen één!’ Plommetje nam nu maar vlug de grote rode vlieger en liep er mee naar buiten. Maar weet je wat er gebeurde?

Zzzzzzt…deed de vlieger en hij nam Plom mee hoog de lucht in. ‘Help, help,’ gilde de kleine man, hoewel hij best begreep dat niemand uit het bos hem meer kon zien of horen. Een grote wolk met een bolronde toet lachte hem uit en riep ‘Plommetje, het is je eigen schuld. Had je maar niet de grootste vlieger moeten uitkiezen. Ik heb je wel horen zeuren, toen je met je moeder bij baas Timperol was. Wij wolken hebben goede oren, hoor!’ ‘Lieve wolk, help mij toch alsjeblieft,’ huilde Plommetje. ‘Ik zal nooit meer zeuren om het grootste en duurste speelgoed.’ ‘Ha, je wordt verstandig,’ lachte de wolk. ‘Klim maar op mijn lange neus, dan breng ik je weer naar het bos terug.’

Wat was Plom blij toen de wolk hem even later voorzichtig van zijn neus liet glijden. Terwijl de vlieger hoog in de lucht vloog, rende Plommetje zo vlug hij kon naar vader en moeder terug. Ze hadden zich ongerust gemaakt, en ze waren reuze blij toe ze Plom weer zagen. Maar dat Plommetje vanaf die dag ook een tevreden jongetje was, dat was voor vader en moeder de grootste verrassing.

VN:F [1.9.11_1134]
Rating: 7.4/10 (9 votes cast)
VN:F [1.9.11_1134]
Rating: +1 (from 1 vote)