Emma gaat op vakantie

Emma vindt het niet leuk, nu gaat het alweer over de vakantie. Op school heeft de juffrouw het al weken over de vakantie gehad. Iedereen mocht vertellen waar hij of zij naar toe ging. De een ging nog verder weg dan de ander, Spanje, Turkije, Polen. Toen Emma aan de beurt was heeft ze gezegd dat zij lekker thuis blijft deze vakantie. Juf geloofde het niet, ze wist dat Emma naar Frankrijk gaat. Emma moest daar maar blij om zijn … Lees verder

Ricky en het zeemonster

Het was heerlijk weer, veel te warm om binnen te blijven. Gelukkig mocht Ricky met zijn ouders mee naar het strand. Hij vond zichzelf veel te groot om zandkastelen te bouwen.
Nee, Ricky wilde lekker het water in, want hij had pas zijn eerste zwemdiploma gehaald. Hij was blij dat ze een plekje vlakbij zee konden vinden.
Ricky had thuis zijn zwembroek al aangetrokken. Terwijl zijn moeder de handdoeken neerlegde, kleede hij zich snel uit. Maar toen hij naar zee … Lees verder

Op bezoek bij Klaas Vaak

Jaapje verveelde zich. Opeens dacht hij:
‘Weet je wat? Ik ga op visite bij Klaas Vaak. Misschien krijg ik wel een lekker snoepje van hem,’
Op zijn driewielertje fietste Jaapje naar het huis van Klaas Vaak. Dat huis stond op een hoge berg van slaapzand. Jaapje belde aan en Klaas Vaak deed open. Hij droeg een pyjama.
‘Dag Jaapje,’ zei hij.
‘Wat leuk dat je op visite komt. Ik mijn pyjama aan, omdat ik in bed lag.
Maar in pyjama … Lees verder

Zilverpiet

In een huisje tussen ’t riet,
woont het dwergje Zilverpiet.
Hij is vriendje van de vissen,
en ook met de hagedissen.
Ja, hij houdt van alle dieren,
zelfs van spinnen en van mieren.
Weet je, wie er bij hem huizen?
D dertien, dikke, grijze muizen.
Wat ik zeg is heus echt waar:
ze maken eten voor hem klaar!
Soms is ’t taart met chocola,
dan weer rijst met bessenvla.

In het huis van Zilverpiet is ’t gezellig, vind je niet?… Lees verder

Vrouwtje Welterusten

In een wei stond een grote boom. Dat was een slaapboom. Hij was prachtig en had rode en groene bladeren. En verscholen tussen die bladeren hingen zilveren belletjes. Als je onder de boom ging zitten, kon je ze horen klingelen. Ze klingelden een slaapliedje en daar kreeg je zo’n slaap van… Ohhhhhh! Dan begon je te geeuwen en even later sliep je heerlijk in het zachte, groene gras.
Natuurlijk kende niemand die wondermooie slaapboom. Behalve één vrouwtje. Dat was vrouwtje … Lees verder

Jeroentje Citroentje

Er was eens een heel gek mannetje, Zijn hoofd was een citroen, zijn neus een radijsje en zijn mondje was een schijfje tomaat. Hij had ook oogjes en dat waren twee donkere peperbolletjes. Hij had armpjes en beentjes van pijpkaneel en verder had hij niets, want meer hebben zulke mannetjes niet nodig. Het mannetje heette Jeroentje en het zal je niet verbazen dat hij Jeroentje Citroentje genoemd werd.

Hij woonde in een bloempot, die gevuld was met donkere, malse aarde. … Lees verder

Het vogeltje dat honger had

Sabientje ging naar bed. Het was zever uur. Plotseling zag ze op de vensterbank een vogeltje zitten. Dat was Piep.
Sabientje deed het raam open.
‘Dag, Sabientje,’ zei Piep.
‘Dag, Piep,’ zei Sabientje.
‘Wat kom je doen?’
‘Ik kom een koekje vragen,’ zei Piep.
‘Want ik heb zo’n honger, weet je.’
‘Arme Piep,’ zei Sabientje.
‘Ik zal je gauw een koekje geven.’
Ze nam een koekje uit een trommeltje. Dat gaf ze aan Piep. Hij smulde er heerlijk van. Toen … Lees verder

Het varkentje dat ontevreden was

O ja, het varkentje kreeg genoeg te eten. En het weiland was groot genoeg. Dat was het niet. Maar het varkentje voelde zich ontevreden… omdat het zo’n klein en lelijk staartje had. Het had daar nooit zo over gedacht. Totdat het zichzelf een keer per ongeluk in een grote plas weerspiegeld zag, met staartje en al. Nooit geweten dat ik zo’n onooglijk staartje heb, dacht het varkentje. En hij kon het niet nalaten om zijn staartje te vergelijken met de … Lees verder

Liesje en Miesje

Liesje en Miesje zijn twee stoute meisjes.
Buiten spelen vinden ze reuzefijn. Maar o, wee dan…

Plagen ze de poesjes
en dragen vieze bloesjes.
Ze plagen de hondjes
en hebben vieze mondjes.
Ze plagen de koetjes
en hebben vieze voetjes.
Ze plagen de bakker op de hoek
en eten alle krenten uit de krentenkoek.
Ze plagen Jantje, Pietje en Klaasje
en spelen over iedereen het baasje.
Ze plagen het jongetje, dat altijd fluit
en noemen hem een vrolijke guit.
Ze … Lees verder

Lindewiek – Ingebroken in de Kruimelwinkel – deel V

Terwijl de mieren verdrietig naar huis liepen hoorden ze plotseling iemand vrolijk zingen. Verbaast keken ze rond Toen zagen ze een bijtje dat op zijn rug lag te luieren op een bloemenstengel. “Falderie, ik hoef nooit meer honing te zoeken faldera. Nooit hoef ik meer te werken, falderie. Alleen domme bijen werken. Faldera”.

Onze mieren hielden halt. Nooit meer te werken? Het bestaat niet dat een bij geen honing meer hoeft te zoeken. Ze keken elkaar aan. De bij zong … Lees verder

Posts navigation