Moeder zon

 

‘Kom kom’, zegt moeder Zon, ‘jullie mogen naar beneden gaan. Goed je best doen hoor, dan ga ik kijken wie er het verst komt’. De kleine zonnestraaltjes werden helemaal blij. Ze bedachten dat ze een wedstrijd zouden houden. De zonnestraaltjes tuimelden naar beneden. Dat was fijn! Ze mochten een hele dag spelen en zorgen dat de kindjes op de aarde een lekker warm zonnetje voelden. Moeder Zon zwaaide haar kleine zonnestraaltjes uit.

Het werd een echte lentedag. De zonnestraaltjes deden erg hun best; ze straalden en straalden. Er was de hele dag zonneschijn. Maar helaas ging de dag snel voorbij zodat de zonnestraaltjes tegen de avond weer terug gingen naar moeder Zon. Allemaal waren ze erg ongeduldig want ze wilden allemaal vertellen wat ze hadden meegemaakt en hoe goed ze hadden gestraald.

‘Ik heb heel ver gestraald’ zei een van de zonnestraaltjes. ‘Helemaal tot aan de zee’. En een ander zonnestraaltje riep ‘Ik heb het haantje van de kerktoren beschenen, dat was ook heel ver hoor’! Moeder Zon moest lachen om haar kleintjes. Ze was heel trots op ze. Toen kwam het kleinste zonnestraaltje en zei; ‘ Ik heb een hele mooie regenboog gemaakt, met wel negen kleuren.’ Dat was natuurlijk ook wel heel knap van dat kleine zonnestraaltje. Om en om vertelden alle zonnestraaltjes hun verhaal. En zo vond ieder zonnestraaltje dat hij de wedstrijd gewonnen had.

Een zonnestraaltje was heel stil. Moeder Zon vroeg; ‘En kleintje wat heb jij vandaag gedaan?’ ‘Och,’ zei het kleine zonnestraaltje, ‘ik ben niet verder gekomen dan het weiland.’ De andere zonnestraaltjes moesten om hem lachen. Het weiland! Dat was helemaal niet ver. Maar moeder Zon moest niet lachen en ze vroeg het zonnestraaltje; ‘Waarom ben je niet verder gekomen dan het weiland?’ Het zonnestraaltje antwoordde verlegen; ‘Ik heb alle madeliefjes die in het weiland stonden gekust, maar het waren er zoveel dat ik niet verder kwam dan alleen dat weiland.’

Moeder Zon gaf het kleine zonnestraaltje een knipoog en vertelde dat ze heel trots op hem was. ‘Van alle zonnestraaltjes heb jij misschien wel het best begrepen wat de taak van een zonnestraal is.’ De andere zonnestraaltjes lachten niet meer. ‘En nu naar bed, morgen staan we weer vroeg op want dan is er weer een heerlijke dag!’

(6794)

Post navigation